Winst is goed, maar niet uit marktmacht

Een beperkt aantal grote bedrijven verwerft steeds meer marktmacht. In ‘The Profit Paradox’ betoogt Jan Eeckhout waarom iedereen daar moet van wakker liggen. Vooral de macht van platformbedrijven creëert een ‘winner takes all’-situatie die nefast is voor een goede marktwerking.

“Marktmacht kost ons vandaag jaarlijks 9% van onze welvaart.”

Met de resultaten van zijn onderzoek rond marktmacht en winstgevendheid van grote bedrijven (samen met Jan De Loecker van de KU Leuven) kreeg Jan Eeckhout internationaal een grote weerklank. Eeckhout, van opleiding handels­ingenieur (KU Leuven), doctoreerde aan de London School of Economics. Sinds 2008 is hij professor aan de Universitat Pompeu Fabra in Barcelona. Hij was ook verbonden aan de University of Penn-sylvania, University College London, Princeton en New York University. Met zijn boek ‘The Profit Paradox – How thriving firms threaten the future of work’ brengt hij de resultaten van zijn onderzoek naar het grote publiek.

Waarover gaat de paradox precies?
“De paradox slaat op het gegeven dat er goed en slecht nieuws is. Het is goed dat bedrijven winsten maken en dat de beursindexen daardoor hoger gaan. Maar het slechte nieuws zit hem in de oorzaken van die hogere winsten. Die zijn het gevolg van uit de hand gelopen markt-macht van enkele grote spelers. Te weinig bedrijven zijn verantwoordelijk voor deze winsten. Je ziet dat ook in de beursindexen, waarin het mooie weer wordt gemaakt door een handvol bedrijven. Marktmacht belet dat de consument mee kan profiteren van technologische innovatie en pro-ductiviteitswinsten. Hij betaalt een te hoge prijs. Dat weegt op de vraag naar het product of onttrekt elders in de economie middelen. Het eindre-sultaat is een daling van het loonpeil, alsook het deel van de koek dat toekomt aan de productiefactor arbeid.”

Hoe ben je tot die analyse gekomen?
“Wij proberen in ons onderzoek te kijken doorheen de pieken en dalen van de financiële markten. We observeren lange tijdsreeksen. En zo stelden we vast dat de winstmarges in heel wat sectoren sinds 1980 zijn gestegen tot abnormaal hoge niveaus. Daarmee is het verhaal van ‘The Profit Paradox’ begonnen bij de gevolgen. Vervolgens zijn we gaan zoeken naar de oorzaken van die grote winsten en kwamen uit bij het fenomeen ‘marktmacht’. Er is een concentratie van marktaandeel bij een beperkt aantal spelers. We zien het fenomeen bovendien terugkomen in veel secto-ren en niet alleen in de e-commerce of IT-sector. Op zich is het normaal dat succesvolle bedrijven aan marktmacht winnen. De markt vertoont zelfs een natuurlijke neiging tot de vorming van een monopolie. De sterkste wint en drijft de zwakkeren uit de markt. Maar in normale omstan-digheden is er ook een omgekeerde kracht aan het werk. Kleine bedrijfjes zijn vaak wendbaarder en innovatiever. Start-ups weten niches en zwakheden van grote gevestigde waarden uit te buiten. Dat heet creatieve destructie. Het is typerend voor een gezond kapitalisme, want zo herstelt het evenwicht zich automatisch.”