Waarom is ondernemen hier een vies woord

De nakende sluiting van Opel Antwerpen maakt nog maar eens duidelijk dat de globalisering van de economie België keihard treft. Tot voor enkele jaren werden we geroemd om onze productiviteit, centrale ligging, uitstekend onderwijs en talenkennis. Maar is België nog wel zo competitief als wij graag geloven? Onlangs trokken Amerikaanse investeerders nog aan de alarmbel: "Geef ons een reden om naar België te komen en er te blijven." Slik. Maar waar liggen onze pijnpunten?

Frank Dereymaeker

TE VEEL REGELS

Hoe je het ook draait of keert, België is een complex land. Met te veel overheden, te veel versnippering van de bevoegdheden en te veel regeltjes. "Een buitenlandse investeerder die een vergunning wil aanvragen, komt in een ongelooflijk doolhof terecht", zegt Johan Van Overtveldt, directeur bij de economische denktank VKW Metena. Investeerders willen net transparante regels en liefst ook juridische zekerheid. "België heeft op dat vlak echter de perceptie tegen", meent Frank Dierckx, fiscaal expert bij het consultancybureau PriceWaterhouse Coopers. "Onze overheid legt vaak fiscale wijzigingen op, maar zonder veel overleg. Dat bezorgt ons land een slechte reputatie." Het resultaat is dat België qua aantrekkelijkheid voor buitenlandse investeerders wereldwijd vorig jaar met zes plaatsen  is gezakt, naar plaats 33. Amper 4% van alle buitenlandse investeringen in Europa komt in België terecht. "Terwijl de investeringen in andere Europese landen stabiel blijven, zijn ze in België met 19% gedaald", merkt Dierckx op.

DUUR LAND

Maar België staat bij veel investeerders ook gebrandmerkt als 'duur land'. Met een vennootschapsbelasting van 34% behoren we al een tijdje niet meer tot de beste leerlingen in Europa. Maar er is ook de hoge loonkost. Bijna nergens is de kloof tussen een nettoloon en de totale loonkost zo groot als in ons land. Bovendien is onze productiviteit de laatste jaren minder snel gestegen dan ons loon. Anders gezegd: we brengen steeds minder op dan we kosten. Dat maakt dat België aan concurrentiekracht inboet tegenover zijn buurlanden. Met als gevolg dat andere landen meer kunnen uitvoeren en onze export - nog steeds de motor van onze economie - aan het sputteren is.

De hoge loonkosten verhinderen ook dat innovatieve bedrijven voor België kiezen. Toponderzoekers eisen boter bij de vis. Daardoor dreigt België de kenniseconomie aan zijn neus te zien voorbijtrekken. "De kans om elektrische wagens hier te maken, is al gepasseerd", zucht Voka-voorzitter en ex-Volvo-baas Peter Leyman. "Nu krijgen we nog twee jaar om onze autoindustrie om te vormen en ons te focussen op de ontwikkeling van elektrische motoren. Maar dat zal inspanningen vergen." Anders dreigen nieuwe Opels.

Foute DIPLOMA'S

Dat België nu al vaak toponderzoekers moet 'invoeren', heeft voor een deel zijn voedingsbodem in het onderwijs. Qua scholingsgraad scoort België nog wel uitstekend in Europa: 30% van de beroepsbevolking heeft een diploma hoger onderwijs. Alleen kiezen de studenten te weinig voor technische en wetenschappelijke opleidingen. Het beperkte aantal afgestudeerde ingenieurs of wetenschappers staat in schril contrast met de stroom aan afgestudeerden uit 'zachte' sectoren (sociologie, psychologie, communicatiewetenschappen, geschiedenis...), die veel moeilijker aan de bak komen.

Bovendien is het tekort zo dramatisch dat scholen vandaag zelfs nauwelijks enthousiaste leraars voor exacte wetenschappen vinden. "Daar is maar één remedie voor", meent Johan Van Overveldt. "Stem het onderwijs meer af op de arbeidsmarkt. Kijk naar Duitsland, waar jongeren meer gestimuleerd worden om technische en wetenschappelijke richtingen te volgen door stages te organiseren."

TE WEINIG ONDERNEMERS

Een pijnpunt is ook het gebrek aan talentvolle, jonge ondernemers. Belgen kiezen nog liever voor een vaste baan dan voor het onzekere bestaan van een ondernemer. Amper 3% van de Belgen begint een eigen zaak, terwijl het Europees gemiddelde bijna 6% bedraagt. "Er heerst een mentaliteitsprobleem. Ondernemen is in België een vies woord", zucht Fabienne Bister van het gelijknamige mosterdbedrijf. "We leven in een land waar een mislukking het ergste van het ergste is. Je kan bij wijze van spreken beter je buurman vermoorden dan failliet gaan. We zijn op het punt gekomen dat mensen zo ontzettend bang zijn om risico's te nemen, dat ze niets meer doen." Dat immobilisme beperkt de kansen om nieuwe jobs te creëren. Pogingen vanuit de overheid om het ondernemerschap aan te vuren, hebben voorlopig bitter weinig opgeleverd.

TE VEEL VANGNETTEN

De tewerkstellingsgraad blijft een heikel punt voor de Belgische economie. Amper 60% van de beroepsbevolking is aan het werk. Niet alleen de hoge loonkosten spelen ons parten, ook het genereuze vangnet van stelsels als brugpensioen, tijdkrediet en vervroegd pensioen maken dat Belgen al snel de neiging hebben om te gaan genieten van het leven. En dat terwijl vijftigplussers door hun ervaring in veel bedrijven een knelpuntberoep zouden kunnen invullen. "Wij mogen geen oudere werknemers opzijschuiven", waarschuwde Jan Smets, voorzitter van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid, onlangs nog. "Eenmaal de crisis achter de rug is, zullen we hen nodig hebben om ons welvaartspeil te behouden."

Bovendien worden werklozen te weinig gestimuleerd om opleiding te volgen. "Het is absoluut noodzakelijk dat we mensen duidelijk maken dat de economie in beweging is en werknemers zich permanent moeten bijscholen", zegt VDAB-baas Fons Leroy.

VAST IN VERKEER

Eén van de toptroeven van België is al decennia de uitstekende geografische ligging. Centraal in (West-)Europa, ideaal om vanuit onze (lucht)havens grote afzetmarkten als Duitsland en Frankrijk te bedienen. Maar die troef spelen we nauwelijks uit. De Antwerpse haven breidt zich wel gestaag uit, maar de verwerking van de goederen naar het hinterland rijdt zich steeds meer vast in ellenlange files. De ontsluiting van de Antwerpse haven leidt al jaren voor verhitte discussies. Denk maar aan de Lange Wapperbrug. Een andere oplossing, de IJzeren Rijn, blijft vaststeken in de oeverloze discussies met Nederland. Ook onze luchthavens verliezen hun aantrekkingskracht. Het verbod op nachtvluchten in Zaventem kost duizenden banen (bij DHL). Komt daarbij dat sinds de uitbreiding van de EU het centrum van Europa steeds meer naar het oosten verschuift.

AMPER BESLISSINGSCENTRA

Beslissingen worden boven onze hoofden genomen. Hetzij in Parijs, Amsterdam, of desnoods in de VS, zoals Opel treffend illustreerde. Eigen schuld, dikke bult, zeggen critici. Want België heeft veel van zijn topbedrijven verkocht. Denk maar aan BBL (aan ING), Electrabel (aan GDF Suez), Fortis (aan BNP Paribas) en Petrofina (aan Total). Een gebrek aan chauvinisme, klinkt het even hard. "Kijk maar naar de herrie die de Amerikanen maakten toen Anheuser-Busch werd overgenomen door InBev. Zij hebben alvast verkregen dat de biergigant zijn operationele hoofdkwartier verhuisd heeft van Leuven naar New York."

Andere experts wijzen er ook op dat België weinig doet om die beslissingscentra aan te trekken. "In 2006 was ons land dankzij de invoering van de notionele interest het op drie na aantrekkelijkste in de wereld", zegt Frank Dierckx. "Maar sindsdien hebben we niets meer gedaan. Onze belastingwetgeving heeft de economische realiteit niet gevolgd. En stilstaan is, zoals bekend, achteruitgaan."

© De Persgroep Publishing