Kleinere ondernemingen zwaarder getroffen dan grotere

Een enquête van de Europese Centrale Bank toont aan dat kleine en middelgrote ondernemingen in de EU bijna over de hele lijn zwaarder getroffen zijn dan grotere ondernemingen. Opvallend genoeg wordt het gebrek aan vraag als een groter probleem ingeschat dan de toegang tot (bankfinanciering.

Bankfinanciering groter probleem voor kleinere ondernemingen

Allereerst zijn de financieringsproblemen acuter bij kleine en middelgrote ondernemingen. Grotere ondernemingen hebben de mogelijkheid om zich op de kapitaalmarkt te financieren, wat dan ook in toenemende mate gebeurd is, gegeven de cijfers van obligatie-uitgiften. De aandelenuitgifte voor grote niet-financiële ondernemingen is ook substantieel de hoogte in gegaan.  Kleinere ondernemingen zijn echter veel meer afhankelijk van bankfinanciering, waar de kredietvoorwaarden erg verstrakt zijn. Daarnaast zijn grotere ondernemingen vaker cliënt bij verschillende banken, waardoor een kredietopzegging van één instelling minder dramatisch is. Binnen de KMO’s zijn het eveneens de allerkleinste ondernemingen die meer financieringsproblemen ondervinden dan de iets grotere.

Diepgaandere impact

De impact van de crisis bleef evenwel niet beperkt tot een gebrekkige toegang van bankleningen. In een grootschalige enquête van de ECB bij Europese ondernemers, verklaarde 17 procent van alle ondervraagde KMO’s de toegang tot financiering als meest prangende probleem. Een gebrek aan klanten was echter voor 27 procent een groter struikelblok. De vraaguitval ten gevolge van de crisis laat zich dus duidelijk voelen.

Uit dezelfde ondervraging blijkt eveneens dat kleinere ondernemingen ook op vrijwel alle gebieden zwaarder getroffen zijn dan grotere. Figuur 1 geeft de resultaten weer, waarbij de rode balken staan voor KMO’s en de blauwe voor de grotere ondernemingen. Men kon telkens antwoorden of er een stijging dan wel een daling van een aantal parameters plaatsvond. Een positieve score geeft weer dat meer ondernemers een toename van een variabele ondervonden.

 

Figuur 1: KMO’s zwaarder getroffen.

Figuur 1
 
1: Omzet                                                            5. Winst
2. Arbeidskosten                                                 6. Winstmarge
3. Andere kosten                                                7. Schuld/eigen vermogen
4. Rente-uitgaven

Bron: ECB

 

Diepe wonden voor kleine ondernemingen

Ondanks genomen besparingsmaatregelen verklaarden meer ondervraagde ondernemers een toename van arbeids- en andere kosten, waarbij de stijging van andere kosten zich veel vaker doorzette voor KMO’s. De omzet daalde ook veel frequenter voor kleine ondernemingen, terwijl zij, in tegenstelling tot grotere bedrijven, niet konden profiteren van de dalende rente van de nationale bank. Zij zagen hun rente-uitgaven zelfs nog toenemen ten gevolge van de recessie.Dit alles leidt tot lagere winsten, opnieuw meer uitgesproken voor KMO’s. Tot slot heeft de crisis ten gevolge gehad dat KMO's zich (met kleine meerderheid) dieper in de schulden hebben gestoken. Grotere ondernemingen hebben hun schuldpositie daarentegen kunnen verbeteren.