Energietransitie vraagt meer kennis

Auteur: 
Jo Cobbaut

Ronnie Belmans, tot voor kort de general manager van Energyville en professor aan de KU Leuven, kijkt vol optimisme naar de energietransitie die er zit aan te komen. Al vergt olie en gas voor een zeer groot deel vervangen door elektriciteit, veel kennisopbouw van de nieuwe technologieën. “Daar zijn we nog niet mee klaar.”

Energyville is actief betrokken bij de analyses voor de energiestrategie van België. Het focust zich op de doelstellingen om in die energieproductie en het -verbruik de CO2-uitstoot volledig terug te dringen tegen 2050, zoals internationaal is afgesproken in het Akkoord van Parijs. Er is ook een tussentijdse doelstelling in Europa om tegen 2030 de uitstoot te verminderen met 55%.

“De energietransitie zal de behoefte aan geschoolde technici enorm doen toenemen."

Fit for 55

Foto: 
shutterstock

De Europese Commissie en het Europees Parlement werken nu aan de wettelijke regeling hiervan in de vorm van een pakket met de titel Fit for 55. Ronnie Belmans: “Wij werken aan projecties binnen deze maatschappelijke keuze. Voor de Belgische situatie komt dat neer op het volledig terugdringen van olie en gas als energiebronnen en — grotendeels — een omschakeling naar elektriciteit. Wij denken na over de impact hiervan, niet alleen op de politieke beslissingen, maar ook op het dagelijkse leven van consumenten en bedrijven. De impact van de energietransitie is verschillend voor de diverse domeinen waar de energie verbruikt wordt: elektriciteitsproductie, rijden, verwarmen en produceren.”

Energieproductie

Ronnie Belmans wijst erop dat in de huidige discussies over de toekomst van de energiesituatie in België, te veel aandacht gaat naar de kerncentrales. “Voor Energyville doet die discussie haast niet ter zake. De eventueel overblijvende twee nucleaire centrales produceren nog maximaal 20 procent van de elektriciteitsproductie. Elektriciteit maakt 22% uit van onze totale energievoorziening. In dat groter geheel van de totale energiebronnen vertegenwoordigen die kerncentrales dus minder dan 4 procent. Olieproducten en gas zijn samen goed voor 68 procent van het totale energieverbruik. In verhouding daarmee is die eventueel resterende nucleaire stroom haast verwaarloosbaar.”

“In ieder geval speelt het ook geen rol meer voor de toekomst. Uitbaters zien zich geconfronteerd met zeer grote investeringen en almaar langer wordende bouwtermijnen voor nieuwe centrales. En voor de bestaande centrales lopen de kosten op naarmate ze ouder worden. Daarom wil niemand nog nieuwe centrales bouwen. En de grootste eigenaar van de bestaande centrales in België — Engie — heeft al beslist om de levensduur niet te verlengen. Zeker in de nabije toekomst zullen zon en wind de productie overnemen, aangevuld met enkele gascentrales.”

  • Lees het volledige artikel in het septembernummer van Ondernemen [PDF, 3 blz., 969 kB].