Edmund Phelps, een welverdiende winnaar

Met Edmund Phelps wint een huisvriend van VKW Metena de Nobelprijs economie.

Na enkele obscure jaren krijgt de Nobelprijs Economie terug glans en uitstraling met de aanduiding van Edmund Phelps. De 73-jarige econoom verbonden aan Columbia University in New York combineert moeiteloos vernieuwend theoretisch werk en diepgaand empirisch onderzoek met een klare, voor iedereen verstaanbare communicatie van zijn essentiële boodschap. Deze combinatie wordt in het over-gematematiseerde economenland van vandaag stilaan uniek.

Edmund Phelps leverde in zijn lange loopbaan echt baanbrekende bijdragen. Tegelijk met Milton Friedman, maar onafhankelijk van elkaar, toonde hij op het einde van de jaren 1960 aan dat de Phillips-curve een zinloos concept was. De essentie van die Phillips-curve bestaat erin dat beleidsmakers inflatie en werkloosheid als het ware tegen elkaar kunnen inruilen. Friedman en Phelps kregen in die dagen zowat het ganse economenvolk over zich heen maar bleken achteraf wel gelijk te hebben. Phelps spitste zich in de daaropvolgende decennia verder toe op de studie van de arbeidsmarkt waarbij hij de grote promotor werd van loonsubsidies voor de ongeschoolden. Phelps leverde ook baanbrekend werk inzake economische groei. Zijn veelvuldige verblijven in Europa maken hem ook tot een kenner van de Europese sociaal-economische situatie.

VKW Metena mag Edmund Phelps als een goede vriend beschouwen. Besprekingen over samenwerking tussen ons en zijn Center on Capitalism and Society zouden naar het jaareinde toe afgerond worden. Op mijn vraag of we in de komende periode een tekst van hem vertaald in onze publicaties mochten opnemen, reageerde hij in de lente van dit jaar enthousiast en positief. Ik koos daarvoor bijgaande tekst van hem omdat die mijns inziens een goed overzicht geeft van zijn denken. Vermits de tekst van januari 2005 dateert, toonde Edmund Phelps zich bereid de tekst op een aantal punten te updaten tegen … eind van dit jaar. De actualiteit dwingt ons sneller te handelen.      


Johan Van Overtveldt