Economische overpeinzingen na een nachtje Gentse Feesten

Auteur: 
Stijn Decock

Als naar Gent uitgeweken West-Vlaming vormen de Gentse Feesten één van de hoogtepunten van mijn jaar. De vele optredens, de gezellige sfeer en het weerzien met vrienden zorgen dat ik in de tweede helft van juli nooit op reis ben en in mijn stad blijf. De Feesten zijn één van de bewijzen dat Vlaanderen nog steeds veel creativiteit en levenskwaliteit herbergt. Vooral de manier waarop het georganiseerd is, is bijzonder. Zou het niet mooi zijn om de dynamiek die er heerst over te zetten in het bedrijfsleven en in de overheid?

De Feesten zijn niet alleen in termen van bezoekersaantal spectaculair (gemiddeld 1,5 miljoen), ook in termen van organisatie zijn de Feesten apart. Festivals zoals de Zomer van Antwerpen, Rock Werchter, Marktrock, Festival van Vlaanderen... worden centraal vanuit één organisatie gestuurd, hetzij een overheid, hetzij een privé-organisatie zoals Live Nation van Herman Schueremans. De Gentse Feesten worden door tientallen organisaties gedragen, gaande van kleine vzw's tot professionele privé-concertorganisatoren. Die organisaties coveren zowat het gehele muzikaal en sociologische spectrum. Zo kan het dat op het ene plein Eddy Wally aantreedt, terwijl het plein verderop de avant-garde jazz formatie Flat Earth Society speelt, een DJ ten dans speelt op een ander plein...  en dat naast het vele straattheater, volkstheater, modern theater, comedy, orgelconcerten, politieke debatten... die er iedere dag te beleven vallen. Bovendien zijn het gros van al die activiteiten gratis. Uniek zijn de Feesten ook in de hoeveelheid drank die er vloeit zonder dat dit gepaard gaat met al te veel problemen. Schotel Britten of Nederlanders dezelfde hoeveelheid alcohol voor en je krijgt gegarandeerd rellen en veel meer vechtpartijen.

De rol van de overheid, zijnde het stadsbestuur van Gent, is vooral die van coördinator. Zij beoordeelt de vele initiatieven van de organisaties, stemt ze op elkaar af en bundelt het geheel tot één programma. Daarnaast zorgt het stadsbestuur voor de veiligheid, het afvalbeheer en waakt ze over de diversiteit van het programma. Meer dan de helft van de 1,3 miljoen euro die de Gentse Feesten dit jaar aan het stadsbestuur kost gaan naar politie, brandweer, schoonmaakploegen... Minder dan de helft gaat naar het ondersteunen van de pleinorganisatoren. Die organisatoren halen het grootste deel van hun inkomsten uit de drankverkoop en sponsors. Eigenlijk krijgen de organisatoren vooral een plein en publiek van de stad. Het is aan hen om voldoende inkomsten uit drankverkoop en sponsoring te halen om een gepaste affiche te kunnen betalen.

In 2003 maakten de KULeuven en het Stad Gent een uitvoerige studie over de economische impact van de Gentse Feesten. De totale opbrengsten, alle horeca inbegrepen, bedroegen toen 50 miljoen euro. De BTW-opbrengsten alleen al waren goed voor zo'n 8 miljoen euro. Het stadsbestuur van Gent gaf toen netto zo'n 1 miljoen euro uit aan de feesten. Dus indien de stad Gent 15% van de federale BTW-inkomsten kan terugkrijgen, is ze uit de kosten.

Eigenlijk is dit een toonbeeld van een publiek-private samenwerking die de belastingbetaler niet veel hoeft te kosten. Hoe je als overheid door het juiste kader te scheppen een veelheid van activiteiten kan ontwikkelen. De overheid biedt privé-organisatoren gratis openbare ruimte (pleinen) en veiligheid aan. Met een flexibel belastingssysteem zou de stad Gent ook een deel van de BTW en andere taxen die nu in de federale kas moeten kunnen recupereren zodat dit soort organisaties budgettair neutraal is voor de stadskas.

Een interessante vraag is of dit 'Gentse Feesten' model ook toepasbaar is op de verwerkende nijverheid of exporteerbare diensten? Een overheid die coördineert en heel wat divers privé-initiatief creëert. Vooreerst groeit het aantal bedrijven in Vlaanderen dat uit de Vlaamse festivaltraditie of uit de media is gegroeid en internationaal actief gestaag. Denk maar aan podiumbouwer Stageco, productiebedrijf Alfacam, Barco, Studio100, XL Video, Woestijnvis... Zelfs de tv-serie Aspe blijkt een succes in Duitsland te zijn. Vaak zijn dit bedrijven die deels vanuit de overheid zijn gegroeid of uit festivals die er dankzij een welwillende burgemeester zijn gekomen.

In de meer traditionele verwerkende industrie zou de overheid ook meer een rol van coördinator kunnen spelen. Beginnende ondernemingen bijvoorbeeld goedkope kantoorruimte aanbieden, het delen van dure testapparatuur tussen bedrijven, goederenstromen proberen af te stemmen op elkaar in een bedrijventerrein, initiatieven nemen om bedrijven uit een bepaalde sector samen te brengen... Het gebeurt allemaal wel al een beetje, maar het zou nog beter kunnen. De overheid kan ook als klant vernieuwende lokale technologie met exportpotentieel afnemen. Net zoals bij de 'Gentse Feesten' is het belangrijk dat de overheid niet de ambitie heeft teveel zelf te willen doen of te organiseren. Ze treedt op als een coördinator die het ondernemersinitiatief stimuleert, een goed kader biedt en op elkaar afstemt.

Dit model kan ook nuttig zijn voor de overheid zelf om kosten te besparen. De Gentse Feesten toont dat een overheid met een relatief klein subsidiebedrag een grote hefboom aan activiteiten en inkomsten kan genereren. In plaats van grote organisaties te subsidiëren zou ze privé-organisaties (al of niet commercieel) meer met gerichte subsidies overheidsdiensten kunnen laten uitvoeren. Iets wat de overheid al in het onderwijs (katholieke zuil), ziekenzorg, natuurbeheer (Natuurpunt), jeugd- en sportbeleid ten dele

Laat dus de pint die je drinkt op een van de vele zomerevenementen dit jaar extra smaken na een economisch zeer moeilijk eerste jaarhelft. Laat het creatief talent dat je wellicht voorgeschoteld krijgt van de artiesten en van de organisatie inspirerend werken. En ons vooral doen geloven dat deze regio nog toekomst en heel wat potentieel heeft.