Duaal leren, zegen of vloek?

Auteur: 
Serge Huyghe

Opinie van Serge Huyghe

Waarom leren op de werkvloer niet van de grond komt? De Standaard (24/02) vraagt zich af waarom het systeem van duaal leren een valse start kent. De knelpunten zijn echter niet nieuw en ETION wees er al op bij de introductie van het systeem.

Duaal leren is het systeem waarbij een groot deel van de competenties op de werkvloer worden verworven in plaats van op school. In principe kan je hier niets op tegen hebben en moeten we het stelsel zelfs toejuichen. Toch dringen zich enkele kritische bedenkingen op. Want, hoewel het Vlaamse bedrijfsleven blijkt open te staan voor het concept, is het de vraag of de bedrijven er ook klaar voor zijn.

“Hoewel het Vlaamse bedrijfsleven blijkt open te staan voor het concept, is het de vraag of de bedrijven er ook klaar voor zijn.”

Succes in Duitsland

Ook wordt al te gemakkelijk de vergelijking gemaakt met het succesvolle systeem van Duitsland. Maar die vergelijking loopt mank. Enkele verschilpunten:

  • Het duaal onderwijs geniet er maatschappelijk aanzien en is populair bij jongeren.
  • Vaak zijn het middelgrote familiebedrijven die meewerken.
  • Er is een intensieve samenwerking tussen ondernemers, scholen, kamers van koophandel en overheid.
  • Er wordt door overheid en bedrijven gemiddeld 17.933 euro per leerling (loon, mentor en voorzieningen) geïnvesteerd (rekening houdend met de productieve arbeid is dit een nettokost van 5.398 euro).

Vlaanderen daarentegen is op de eerste plaats een regio van kmo’s. Daardoor duiken een aantal praktische vragen op, maar er zijn ook een aantal voorwaarden te vervullen. Enkele beleidssuggesties die bedrijven kunnen stimuleren, zijn:

  • Voorkom potentiële drempels zoals extra plan- of administratieve lasten.
  • De jongere moet goed voorbereid zijn op werkervaring. Een goede basisopleiding is onontbeerlijk.
  • Er moet duidelijkheid zijn over wat duaal leren verwacht van het bedrijf.
  • Zorg, zoals in de meeste landen, voor een subsidiesysteem waarbij er voor de ondernemingen een financiële tegemoetkoming is voor het begeleidingsaspect.
  • Ontwikkel een degelijk intermediair niveau als informatiepunt en ondersteuning voor bedrijven met bijzondere aandacht voor de kmo.

Wat met de zwakkere leerling?

Het duaal leren mag bovendien niet leiden tot een dualisering van het arbeidsmarktgericht onderwijs. Waarbij het voltijds regulier onderwijs een soort van kwalitatieve B-stroom wordt van nog te oriënteren jongeren die niet-arbeidsmarktrijp zijn.

We mogen daarnaast ook de jongeren in het huidige stelsel van ‘Leren en Werken’ niet uit het oog verliezen (een andere vorm van leren op de werkvloer). Ook de Vlaamse Onderwijsraad pleitte er al voor om ‘Leren en Werken’ niet zomaar te integreren in duaal leren. Duaal leren is bedoeld als een sterke leerweg. Een aanzienlijk deel van jongeren in ‘Leren en Werken’ kunnen niet doorstromen naar duaal leren zoals dat momenteel is uitgewerkt. Zij hebben nood aan maatwerk en in het stelsel van ‘Leren en Werken’ liggen voor hen momenteel meer mogelijkheden.

De zaligmakende oplossing?

Ten slotte mogen we ook niet denken dat we met invoering van het duaal leren onmiddellijk een aantal andere complexe knelpunten gaan oplossen. Zoals de ongekwalificeerde uitstroom, een grotere instroom in het nijverheidstechnisch onderwijs, meer technisch geschoolde profielen… Dat is te simplistisch. Daarvoor zijn andere, meer fundamentele maatregelen nodig, onder andere om het watervalsysteem te stoppen.