De verrijzenis van Brantano | Etion

De verrijzenis van Brantano

Auteur: 
Jo Cobbaut

Dankzij hun vernieuwende blik bouwden drie ingenieurs met FNG een heus mode-imperium uit. Wat begon met de import van kinderkleding is in vijftien jaar uitgegroeid tot een beursgenoteerde modegroep met een omzet van bijna een half miljard euro en ruim 3000 werknemers. 'Ondernemen' sprak met Dieter Penninckx, mede-oprichter en CEO van de groep.

In 2016 nam FNG het zieltogende Brantano over. Dankzij een eigentijds concept en een investering van 50 miljoen euro verrijst de schoenenketen uit zijn as.

Twee jaar geleden nam het Belgische modehuis FNG Group zijn intrek in een karaktervol kantoorgebouw op het Mechelse Raghenopark. Voor de realisatie van de nieuwbouw ging ingenieur-architect Anja Maes, één van de drie oprichters, aankloppen bij haar vroegere leermeester Stéphane Beel. Grote open ruimtes, een neutraal kleurgebruik en een minimalistisch interieur kenmerken het opvallende gebouw dat enkele bedrijfswaarden van FNG weerspiegelt: no-nonsense, meerwaarde en out of the box.

Groeispurt

Het nieuwe hoofdkwartier was een dringende noodzaak geworden want FNG kende de voorbije jaren een onwaarschijnlijke groeispurt. Het bedrijfje dat in 2003 werd opgericht door drie jonge burgerlijk ingenieurs is intussen uitgegroeid tot een beursgenoteerde modeketen met een omzet van bijna een half miljard euro en ruim 3000 medewerkers. Dankzij het zelf in de markt zetten van nieuwe concepten en een resem overnames heeft het bedrijf nu een tiental merken onder één dak zoals Fred & Ginger, CKS, Claudia Sträter, Miss Etam en Brantano.

Dieter Penninckx, mede-oprichter en de man van Anja Maes, blijft er ondanks het succesverhaal heel nuchter en bescheiden bij. Dat blijkt ook uit zijn kledij: geen duur maatpak met stropdas, maar een casual trui en broek. “De laatste keer dat ik een das heb gedragen, moet ter gelegenheid van de beursintroductie in 2008 geweest zijn. Dat was toen nodig om bij de banken binnen te mogen. Als je me ooit terug een das ziet dragen, dan zal dat een slecht signaal zijn want dat zal betekenen dat we vers geld nodig hebben”, lacht hij.

"De koek wordt niet groter, maar er zijn heel wat nieuwe kanalen bijgekomen."

ETION: Hoe halen drie ingenieurs het in hun hoofd om een modebedrijf te starten?
Dieter Penninckx: “We hadden alle drie een vaste job, maar we wilden onze eigen zaak starten. Clicks waren begin de jaren 2000 niet meer zo hip en wij hadden de voorkeur voor een tastbaar product. Ik had al enkele jaren ervaring opgedaan met spin-offs en ik zag het op dat moment niet zitten om opnieuw van nul te beginnen. Daarom trokken we naar een overnamebemiddelaar die ons enkele dossiers voorstelde. Daar zat een transportfirma tussen, maar ook een producent van veiligheidsschoenen en een tegelbedrijf. Hij wou het eerst niet zeggen omdat het toch niets voor ons zou zijn, maar de makelaar had ook nog een importbedrijf van kinderkleding in portefeuille. Onze interesse was meteen gewekt en korte tijd nadien hebben we toegehapt. (lacht)”

Lees het volledige interview in het meinummer van Ondernemen [PDF, 4 blz., 159 kB].