De noodzaak voor openbare stresstesten

In een opiniestuk in De Tijd pleitte VKW Metena ervoor om ook een stresstest naar Amerikaans voorbeeld uit te voeren voor Belgische en Europese banken. Ondertussen zijn er stresstesten. Sommige banken worden zelfs twee keer doorgelicht, één keer door de Belgische toezichthouder en één keer door de Europese. Naar alle waarschijnlijkheid worden de resultaten evenwel niet bekend gemaakt. Zelfs de identiteit van de 22 banken die doorgelicht worden door het Europees Comité van Europese Toezichthouders ligt kennelijk zo gevoelig dat deze informatie top secret moet blijven. Dit is een gemiste kans.

Volatiele financiële sector

Na de onverwachte afschrijving van 1,3 miljard dollar op de portefeuille van Société Générale, en het zoveelste kritisch rapport van ratingagentschap Moody’s is de vrees voor verdere bankproblemen in België opnieuw toegenomen. Zoals verwacht incasseerden bankaandelen opnieuw zware klappen. De term ‘te verwachten’ is evenwel niet zo evident omdat er eigenlijk weinig of geen nieuwe informatie staat in het rapport van Moody’s en de afschrijvingen van SocGen niet noodzakelijk repercussies hebben voor pakweg KBC. Na een stevig herstel van de koersen blijkt eens te meer de volatitiliteit van bankaandelen en vatbaarheid voor slecht nieuws en geruchten.

Recht op transparantie

Een openbare stress test zou hier aan tegemoet komen. Niemand weet momenteel waar er nog afschrijvingen zullen plaatsvinden en van welke grootte-orde. Indien we willen dat privé-investeerders (en niet enkel de overheid) instappen in de financiële sector, is een minimum aan transparantie aan de orde. De boekhoudkundige regels zijn recent dermate versoepeld dat deze transparantie ver te zoeken is en banken mogelijke problemen of risico’s erg lang onder de mat kunnen vegen. Een eenvoudige boekhoudkundige analyse volstaat lang niet om in te schatten welke bank kwetsbaar is en welke niet.

Toezichthouders in plaats van Moody’s

Dit alles heeft als gevolg dat bij het volgende negatieve rapport van een ratingbureau de bankaandelen opnieuw zullen bloeden en de overheid mogelijk wederom moet ingrijpen. Ratingbureaus hebben een vrijwel ongekende macht en kunnen banken breken, hoewel hun beoordelingsvermogen en hun legitimiteit sterk in twijfel worden getrokken. In principe is het de kerntaak van toezichthouders om klaarheid te scheppen en, opnieuw in principe, zijn ze onafhankelijker, objectiever en beter geïnformeerd zijn dan ratingbureaus. Het zou aldus te prefereren zijn dat de aandelenwaarde van financiële instellingen door hun stresstesten worden gestuurd, zelfs al zou dat pijnlijk zijn voor sommige banken. Zo lang de conclusies van de stresstesten niet openbaar worden gemaakt, zal dit echter niet gebeuren.

De bankproblemen zullen vroeg of laat in de openbaarheid komen. Beter is om de waarheid snel onder ogen te zien. Bij bankencrisissen is de korte pijn meestal te prefereren boven de lange. Japan heeft economisch tien jaar lang gestagneerd omdat het zijn bankproblemen onder de mat wilde vegen. Laat ons deze fout niet herhalen.