De gordiaanse knoop van de Grieken

Auteur: 
De Standaard

Opiniebijdrage van Geert Janssens (De Standaard, 30 januari 2015)

Wie het de voorbije dagen aandurfde om sympathie op te brengen voor de electorale keuze van de Grieken, riep onverwijld de toorn van Noord-Europese leiders over zich af. De opvallende demarches van Syriza-leider en premier Alexis Tsipras zijn op dat vlak koren op de molen van critici. En toch moeten we durven toe te geven dat de Griekse kiezer weinig andere keuze restte dan te gaan voor een radicale breuk met het verleden. Het land zit al meer dan vijf jaar in een patstelling, een heuse gordiaanse knoop.

Twintig jaar geleden, in de aanloop naar de top van Madrid waar de timing voor de introductie van de euro vastgelegd zou worden, heerste onder economen grote onenigheid over de robuustheid van de eenheidsmunt die politici voor ogen hadden. De kern van de discussie was dat de euroconstructie een logische tegenstrijdigheid incorporeert. En het probleem was dat als een lid van de muntunie in de problemen zou komen, het gedwongen zou worden tot een hard en macaber besparingsbeleid, want landen mogen elkaar nu eenmaal niet helpen en lidmaatschap van de club is definitief.

Hypocriet

Sinds de crisis is uitgebroken, zijn er talrijke barsten gekomen in deze ‘Heilige Drievuldigheid’. De crisis sloeg dermate hard toe dat men niet anders kon dan sommige landen te helpen. De hardheid van saneringsoperaties moest noodgedwongen worden afgevlakt door goedkoop geld en soepel monetair beleid. Sommigen stellen terecht dat de acties van de Europese Centrale Bank de motivatie om te saneren wegnemen of in ieder geval verminderen. Alleen: zonder die monetaire versoepeling was er wellicht ook geen euro meer geweest.

Maar Noord-Europa had nog een andere reden om akkoord te gaan met de hulppakketten: puur eigenbelang. Een groot deel van het geld uit de noodfondsen voor Zuid-Europa vloeide integraal terug naar de eigen banken, om eerder uitgeleend geld terug te betalen. Zo wees het redactioneel commentaar van de 'Financial Times' vorige week op een gedeelde verantwoordelijkheid, want ook de schuldeisers hebben destijds slordig huiswerk gemaakt. Maar tot vandaag krijgen ze die bekentenis niet over hun lippen. De mythe van terugbetaling van schulden moet in stand worden gehouden. Het is een tamelijk hypocriete situatie, met een land datal vijf jaar geleden volledig bankroet had moeten worden verklaard.

Vis noch vlees

Als een land failliet gaat, kondigt het normaal gezien een moratorium af op zijn schulden, devalueert het de eigen munt en probeert met de schuldeiser tot een propere lei te komen. Maar omdat Griekenland deel uitmaakt van de euro is dat onmogelijk en blijft een echte schuldsanering uit. En zo zit het land nu al vijf jaar in een ‘vis-noch-vlees’-situatie. Dat ergert vele Grieken.

Met een schuldgraad van 180 procent gelooft niemand nog dat de besparingen en de opgelegde hervormingsagenda Griekenland vooruit zullen helpen. De gevolgen van de manke euroconstructie zijn steeds moeilijker te rijmen met een democratische maatschappijordening. En dus hebben de Grieken afgelopen zondag hun rechten duidelijk laten gelden en ontstaat de paradoxale situatie dat Griekenland mogelijk zichzelf in de voet schiet.

Is er nog een uitweg mogelijk? Durven Europese leiders verder kijken dan de volgende aflossing op de Griekse schuldenkalender? Veel zal uiteraard afhangen van de Grieken zelf. Een optie is om Syriza te pakken op haar woord. Haar verkiezingsprogramma bevatte tal van maatregelen waar Europese leiders zelf de mond van vol hebben - denk maar aan het wegnemen van concurrentiebelemmeringen, het aanpakken van belastingontwijking en het oprollen van wijdverbreide corruptie in de publieke sector. Dat zijn stuk voor stuk mammoet­opdrachten en het is lang niet zeker of de kersverse Griekse coalitie uit het juiste hout gesneden is om die aan te pakken. Maar ze bieden wel een aanknopingspunt voor onderhandelingen.

Perspectief

Of het zover komt, hangt af van het perspectief dat men kan geven. Griekenland heeft nog weinig te verliezen en dat creëert een erg explosieve situatie. Maar die biedt ook kansen. Het is niet de eerste keer dat Europa door een existentiële crisis gaat. Jean Monnet, de grondlegger van het eengemaakte Europa, zou het wellicht niet zover hebben laten komen. Voor hem waren crisissen kansen die hij door overleg wist te benutten.

Maar de voorbije jaren is Europa terechtgekomen in een opbod. De Grieken en Zuid-Europa moest eens een stevig lesje geleerd worden. Dat was misschien noodzakelijk, maar ontbrak een langetermijnperspectief. Heeft het Europese leiderschap die taak de voorbije jaren niet te veel overgelaten aan lokale extremisten die inspelen op de gevoelens van het moment? De Grieken hebben veel miserie aan zichzelf te danken, maar het is te kort door de bocht om alle verantwoordelijkheid voor de weeffouten van de euro bij hen te leggen. Het is nog niet te laat, maar zonder onze hulp zullen de Grieken hun gordiaanse knoop niet kunnen doorhakken. Met alle gevolgen van dien voor de euro en de toekomst van Europa.

Copyright © 2015 Corelio. Alle rechten voorbehouden