De coöperatieve: geen gemakkelijke maar fantastische vorm van samenwerken

Auteur: 
Jo Cobbaut

Paul Gréant en Ingrid Verduyn sloegen vier jaar geleden de handen in elkaar en richtten uitzendbureau WaW (We and Work) op. Eén ding was vanaf het begin zeker: de samenwerking zou de vorm krijgen van een coöperatieve vennootschap.

WaW bevindt zich vier jaar na de oprichting min of meer in de fase van een scale-up, vertelt medestichter Ingrid Verduyn: “Paul Gréant en ik zijn allesbehalve starters. Toen we begonnen met onze coöperatie was het essentieel dat de werknemers mede-eigenaars konden worden van de zaak. Je kan dat op veel verschillende manieren invullen. Minimalistisch kan je werknemers mee eigenaar laten worden voor een beperkt bedrag. De macht kan je dan in een besloten clubje houden. Wij kozen ervoor het anders te doen."

"We streefden naar een maximale invulling van de zeven ICA-principes. Delen is de hoofdgedachte. Onze insteek is te delen in lief en leed, in kapitaal, winst en werking. Onze werknemers zijn het die de zaak groot maken die wij hebben opgericht. Zij maken het waar en zorgen voor de business. Je betrekt je medewerkers maximaal bij strategische beslissingen en bij het financiële. Dan werk je meteen met de meest duurzame ondernemingsvorm die er is. Bij gewone, klassieke bedrijven met een winstoogmerk vind je dat zelden terug.”

"Onze insteek is te delen in lief en leed, in kapitaal, winst en werking."

Paul Gréant vult aan: “Medewerkers beslissen mee over belangrijke strategische zaken in de onderneming. Die collega’s kiezen voor het goed van de eigen onderneming. Dat is heel anders dan wanneer een paar eigenaars alles te zeggen hebben en riskeren voor hun eigenbelang te kiezen. Onze medewerkers zijn vrij in hun keuze of ze coöperant willen worden, maar we hebben dat wel het liefst. Het aspect duurzaamheid hebben we verweven in onze statuten. WaW is geen vennootschap waarin je speculatief aandelen koopt en het jaar erop weer verkoopt.”