Crisispremie voor zelfstandigen

Auteur: 
Dirk Callens

Terwijl de tijdelijke werkloosheid voor bedienden en aanverwante systemen moeten voorkomen dat werknemers definitief werkloos worden, moeten crisismaatregelen voor zelfstandigen vermijden dat zelfstandigen failliet gaan. Hiertoe zijn reeds een aantal maatregelen genomen.

Reeds in 2009 is men overgegaan tot een verruiming van de sinds juli 2007 bestaande faillissementsverzekering. Deze geeft gefailleerde zelfstandigen zonder kinderlast gedurende twaalf maanden 813,99 euro. Met kinderlast wordt dat 1.081,88 euro. Gedurende maximum zes maanden zal deze regeling ook van toepassing zijn op zelfstandigen in moeilijkheden. Onder “zelfstandigen in moeilijkheden” wordt verstaan:

  • de zelfstandigen die het voorwerp uitmaken van een gerechtelijke reorganisatie in de zin van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, alsmede de zaakvoerders, bestuurders en werkende vennoten van een handelsvennootschap die het voorwerp uitmaakt van een dergelijke gerechtelijke reorganisatie
  • de zelfstandigen die zich in de onmogelijkheid bevinden hun opeisbare of nog te vervallen schulden te voldoen in de zin van de wet van 5 juli 1998 betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goedere
  • de zelfstandigen, geconfronteerd met "een aanzienlijke daling van de omzet of van hun inkomsten" die hen in een zodanige economische situatie brengt dat er een risico op faling of kennelijk onvermogen bestaat

De zelfstandigen met een aanzienlijke daling van de omzet moeten aan twee van de volgende zes criteria voldoen:

  1. uit de BTW-aangiftes met betrekking tot het derde of het vierde kwartaal 2008 of het eerste kwartaal 2009 blijkt dat de omzet van zijn onderneming of, wanneer de zelfstandige meerdere ondernemingen heeft, de totale omzet van die ondernemingen samen, gedaald is met minstens 50% ten opzichte van respectievelijk het derde of vierde kwartaal 2007, of het eerste kwartaal 2008
  2. minstens 50% van het omzetcijfer van de zelfstandige in moeilijkheden uit de periode van 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2009 komt van ondernemingen die failliet, in gerechtelijk akkoord of gerechtelijke organisatie verklaard werden, of nog, van zelfstandigen die in collectieve schuldenregeling verklaard werden, tijdens de periode van 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2009
  3. de zelfstandige verkreeg ten vroegste op 1 juli 2008 en ten laatste op 30 juni 2009 een afbetalingsplan voor de betaling van persoonlijke schulden met betrekking tot BTW, personenbelastingen, sociale bijdragen als zelfstandige, of sociale bijdragen voor werknemers
  4. bij de zelfstandige werden ten vroegste op 1 juli 2008 en ten laatste op 30 juni 2009 persoonlijke schulden met betrekking tot BTW, personenbelastingen, sociale bijdragen als zelfstandige, of sociale bijdragen voor werknemers door middel van een dwangbevel of dagvaarding ingevorderd
  5. de zelfstandige beschikt over een kaskrediet dat in de periode tussen 30 juni 2008 en 31 december 2009 door de financiële instelling werd opgezegd
  6. de zelfstandige verkreeg een vrijstelling van sociale bijdragen voor minstens twee kwartalen voor de periode gelegen tussen 1 juli 2008 en 31 december 2009.

Bijgevolg dien je als zelfstandige in moeilijkheden je activiteit niet langer volledig stop te zetten als je beroep wil doen op de uitkering. Je zal een aanvraag moeten indienen bij het sociaal verzekeringsfonds waar je als zelfstandige bent bij aangesloten (ofwel per aangetekende brief, ofwel door neerlegging van de aanvraag ter plaatse).

Aanpassingen vanaf 1 januari 2010

Bovenstaande maatregel wordt verlengd tot 30 juni 2010, maar als zelfstandige moet men nu met het volgende rekening houden.

Zoals hierboven reeds aangegeven dient een zelfstandige wiens zaak in moeilijkheden verkeert, aan twee van de zes reeds bestaande criteria te voldoen. Het ontwerp KB voegt ter versoepeling nog een zevende criterium toe, meer bepaald “een daling van de omzet met 60% tijdens het tweede, derde of vierde kwartaal 2009 ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2007.”

Uiteraard zullen de noodzakelijke aanpassingen aan de referentieperiodes gebeuren die bepalen wie aan de criteria van zelfstandige in moeilijkheden voldoet. Voor de aanvragen tot en met 31 december 2009 blijven echter de “oude” termijnen van toepassing. Het is enkel voor de aanvragen vanaf 1 januari 2010 dat de nieuwe termijnen gehanteerd moeten worden.

Indien men reeds een aanvraag heeft gedaan in 2009 die goedgekeurd werd, dan kan men in 2010 opnieuw een aanvraag doen op voorwaarde dat men zijn aanvraag steunt op twee niet eerder ingeroepen criteria.

Vanaf 1 januari 2010 zal er een bepaling zijn betreffende de toepasbaarheid van deze criteria voor de zelfstandigen die actief zijn in een vennootschap (mandatarissen en werkende vennoten). M.b.t. deze criteria geldt namelijk dat er drie criteria zijn waaraan men enkel als natuurlijke persoon in eigen naam kan voldoen:

  • Afbetalingsplan voor schulden m.b.t. BTW, personenbelasting, sociale bijdragen;
  • Invordering van dergelijke schulden door middel van dwangbevel of dagvaarding;
  • Vrijstelling van sociale bijdragen voor minstens twee kwartalen.

Voor de overige criteria is niet vereist dat ze in eigen naam zijn voldaan. Hier wordt m.a.w. aanvaard dat aan de criteria is voldaan in hoofde van de vennootschap:

  • Daling van de omzet met minstens 50 % (60 %);
  • Opzegging van een kaskrediet door een financiële instelling;
  • Minstens 50 % van het omzetcijfer komt van ondernemingen in moeilijkheden.