Chris Van Doorslaer: Besparen waar het kan

Chris Van DoorslaerCartamundi is de onderneming van het jaar. Die begeerde titel is echter geen vrijgeleide voor de crisis. Vooral in de VS staat de omzet van de Turnhoutse producent van speelkaarten onder druk. Het bedrijf zet de tering naar de nering, maar CEO Chris Van Doorslaer benadrukt dat er niet wordt bespaard op productinnovatie.

 

Cartamundi is wereldwijd actief. Laat de crisis zich in bepaalde markten sterker voelen dan in andere?
CHRIS VAN DOORSLAER: “Heel duidelijk, ja. We voelen de crisis het meest in de VS. Engeland, Spanje, Oost-Europa en een stukje Scandinavië - vooral Zweden - worden ook zwaar getroffen. België houdt, en dat is misschien verwonderlijk, vrij goed stand. Ook in Frankrijk en Duitsland is de impact vooralsnog beperkt. En dan zijn er nog enkele landen waar we de crisis niet voelen en waar we integendeel nog sterke groeicijfers noteren. Brazilië bijvoorbeeld.
Maar alles bij elkaar zien we toch een belangrijke negatieve impact op de omzet. In 2008 zijn we ongeveer 10 % achteruitgegaan en die terugval komt bijna helemaal op de rekening van de laatste vier maanden. Januari was ook nog zeer slecht. Maar vanaf februari zien we een pril herstel. Qua orderinput zitten we voor de eerste drie maanden van 2009 zelfs beter dan in dezelfde periode in 2008.
We zien ook verschillen tussen de verschillende producten. In de verkoop van casinokaarten hebben we een grote terugval gezien. De verkoop van reclamekaarten geeft een wisselend beeld. In landen waar we de markt direct bewerken gaan we nog vooruit. De reclamesector staat natuurlijk onder druk. De mediabudgetten worden gereduceerd, dat voelen wij ook. Anderzijds: ons product is relatief goedkoop en het is daarom precies in momenten van crisis een heel interessant alternatief voor duurdere promotie-artikelen. In België bijvoorbeeld is de verkoop van reclamekaarten met 25 % gegroeid. Dat we onderneming van het jaar zijn geworden en daardoor extra publiciteit hebben gekregen, speelt daar ook wel in mee.”

 

Kunnen jullie dat omzetverlies compenseren door de kosten te drukken?
CHRIS VAN DOORSLAER: “Dat proberen we. In Turnhout hebben we vanaf 1 februari een viervijfde regeling ingevoerd voor een groot deel van de bedienden. Om de pil te verzachten maken we gebruik van tijdskrediet, ouderschapsverlof en andere mogelijkheden die de overheid hiervoor aanreikt.
Voor arbeiders maken we gebruik van het systeem van economische werkloosheid. Dat hebben we in het verleden ook al gedaan want we krijgen vaak heel grote projecten te verwerken. Dat zorgt voor pieken, maar ook voor dalen.
Daarnaast hebben we elke kostenlijn onder de loep genomen. En telkens hebben we de analyse gemaakt: is die uitgave noodzakelijk, kunnen we ze misschien uitstellen, of hoe kunnen we ze reduceren. Een voorbeeld: op beurzen nemen we nu een kleinere stand. We hebben ook alle contracten herbekeken en vaak heronderhandeld. En we hebben in de reisbudgetten gesnoeid. De internationale budget review vindt in Turnhout plaats zodat een groot deel van de mensen gewoon thuis kan gaan slapen.
Ook de geplande investeringen hebben we opnieuw bekeken. De investeringen met een korte payback gaan we nog doorvoeren, maar projecten met een langere payback en zeker de capaciteitsinvesteringen doen we niet. We hebben op dit moment geen overnames in het vizier. Maar als er op dat vlak toch een opportuniteit is, zullen we dat onderzoeken. We gaan op dit openblik echter geen energie stoppen in de zoektocht naar overnames.
We besparen heel bewust niet op productinnovatie. Die projecten lopen gewoon door omdat we geloven dat ze de toekomst van Cartamundi zullen veiligstellen.

 

Hebben die besparingen al op korte termijn effect?
CHRIS VAN DOORSLAER: “De meeste besparingen brengen onmiddellijk op en kosten niets. We zijn bijvoorbeeld veranderd van mobilofonie operator. Dat kost niets, maar zorgt toch voor een serieuze besparing.
De personeelskosten liggen nu ongeveer 10% lager. In dat viervijfde systeem is het gewoon zo dat een bediende 20 % minder kost. Dat is ook een directe besparing. Een vijfde van de bedienden ontslaan, zou een gelijkaardige besparing opleveren, maar pas nadat je de opzegvergoedingen betaald hebt. Bovendien: we gaan ervan uit dat we die mensen, van zodra de economie terug aantrekt, opnieuw voltijds zullen nodig hebben. We hebben dus gekozen voor maatregelen die een cashimpact hebben op korte termijn en die onze structuur niet aantasten.
De economische werkloosheid bij de arbeiders heeft wél een kostprijs: ongeveer één zevende van een werkende arbeider. Maar dat staat dan tegenover het alternatief van een ontslagronde, een sociaal plan enzovoort.”

 

Reageren de medewerkers in de buitenlandse vestigingen anders op de crisis?
CHRIS VAN DOORSLAER: “Absoluut, er is een heel groot verschil in houding. In Engeland zijn de werknemers akkoord gegaan heeft met het afschaffen van de ploegen – en de overurenpremies. In de VS is salarisinlevering van 10 % geweest. Een aantal mensen is er ook viervijfde gaan werken met loonverlies. Dat allemaal zonder dat er vanuit België eigenlijk veel druk werd gelegd. In het buitenland, behalve dan in Luxemburg, kent men ook geen automatische loonindexering. In ons land is die indexering heilig. Men vindt het normaal, en men ziet het zelf niet als een salarisverhoging. De mensen hier lijken niet goed beseffen dat België daarmee uniek is. En ik vrees dat het systeem onze concurrentiële positie onder druk zet.”

 

Hebben we het dieptepunt van de crisis inmiddels achter de rug? U zei dat de eerste maanden van dit jaar eigenlijk behoorlijk goed waren?
CHRIS VAN DOORSLAER: “Onze orderboek is inderdaad verbeterd. Maar ik denk dat het nog te vroeg is omdat nu al als een structureel herstel te beschouwen. Het is zo dat wij af en toe grote orders krijgen en die kunnen een vertekend beeld creëren. En één zwaluw maakt de lente nog niet. Ik denk persoonlijk dat heel 2009 niet goed zal zijn. In 2010 verwacht ik wel een herstel, maar niet wereldwijd. De crisis laat zich harder voelen in de VS en in Engeland, maar ik denk dat we daar ook de eerste positieve signalen mogen verwachten. Maar intussen bereiden we ons dus voor op een minder 2009. Dat is het veiligste. Tant mieux als de zaken dan toch beter zouden gaan.”